De werking van verschillende insecticiden op de groene perzikbladluis (overbrenger van het vergelingsvirus) in Nederland in 2012 Pagina printen

donderdag 20 december 2012

Dit rapport is alleen beschikbaar in het Engels, omdat deze proef is uitgevoerd in samenwerking met de fabrikanten van enkele middelen. 

Nederlandse samenvatting:
Onderzoek naar de werking van verschillende insecticiden op de groene perzikbladluis (Myzus persicae) (overbrenger van het vergelingsvirus (BMYV)) in Nederland in 2012 

Vergelingsziektevirus wordt overgebracht door de groene perzikbladluis (Myzus persicae). Er zijn twee soorten vergelingsziektevirussen: BYV en BMYV. De laatste jaren wordt bij de afdeling Diagnostiek van IRS alleen maar BMYV aangetroffen. Het virus kan worden aangepakt door de bladluizen te bestrijden. Doel van dit onderzoek is de effectiviteit bepalen van verschillende soorten insecticiden op pillenzaad, als granulaat en als bespuiting voor de bestrijding van de groene perzikbladluis en daarmee ook vergelingsvirus.
Daarvoor werden in Westmaas en Colijnsplaat proefvelden aangelegd, waarbij groene perzikbladluizen, die vooraf geïnfecteerd waren met het virus, ruim negen weken na zaai (eind mei) werden uitgezet. Hierbij is het wel belangrijk te realiseren dat dit tot een veel hogere druk heeft geleid, dan die we normaal in het veld tegenkomen. Normaal is maximaal 1% van de bladluizen besmet met virus, terwijl dat nu 100% was.
Eén week na infecteren is het aantal bladluizen geteld. Door het slechte weer, waren er toen nog te weinig aanwezig om enig effect van de insecticiden te kunnen meten. Op 25 juli is het percentage planten met vergelingsziekte geteld. Bij de veldjes met insecticiden was dit lager dan bij de veldjes zonder insecticiden. De beste bestrijding werd behaald met de zaadbehandelingen (IRS 658, IRS 663, IRS 664 en IRS 711). IRS 711 had minder planten met vergelingsziekte dan de bespuiting met een insecticide twee dagen na infectie (IRS 721). Dit laat zien dat de timing bij een bespuiting ontzettend belangrijk is. Bij de zaadbehandelingen zijn de bladluizen direct gedood, waardoor de verspreiding van vergelingsziekte beperkt is gebleven ten opzichte van de bespuiting.
De zaadbehandelingen hadden tevens een hoger suikergehalte in vergelijking met de behandeling zonder insecticiden. Hoe hoger het aantal planten met vergelingsziekte, hoe lager het suikergehalte en de suikeropbrengst.

 

Contact: Elma Raaijmakers
Uitgave: 20-12-2012
Vakblad: IRS publicatie 12P08

Publicatie:

« Terug naar publicaties