Bodemgebonden schimmelziekten 1999 Beheersen van Rhizoctonia solani met resistente rassen, fungiciden, vanggewassen en antagonisten Pagina printen

zaterdag 1 juli 2000

In 1999, werd op een proefveld in Ruurlo rhizoctoniaresistente rassen en fungiciden in pillenzaad getoetst. Bij de experimentele rassen FC 709-2 en FC 705-1 werd een slecht plantbestand mede veroorzaakt door een slechte kiemkracht en een slechte verzaaibaarheid. Het ras FC 709-2 is het meest resistent, maar heeft een te laag suikergehalte om voor de praktijk van waarde te zijn. Een toevoeging van IRS 632 aan het pillenzaad veroorzaakte weliswaar een tragere veldopkomst, maar resulteerde in een hoger plantbestand en monder aantasting. Zo gaf het rhizoctoniaresistente ras Laetitia met toevoeging van IRS 632 op proefvelden te Bergen op Zoom en Sterksel het hoogste suikergewicht. Op proefvelden met kunstmatige besmetting met isolaten van verschillende herkomst werden vanwege een te lage ziektedruk geen resultaten verkregen. De schimmel Verticillium biguttatum gaf alleen in kasexperimenten een rhizoctonia-onderdrukkend effect. In 2000 komt het toetsgewas bieten op het perceel en worden eventuele effecten bekend.

Contact: Willem Heijbroek
Uitgave: IRS Jaarverslag 1999

Publicatie:

« Terug naar publicaties

Toelatingssituatie

De lijst van in suikerbieten toegelaten gewasbeschermingsmiddelen is geactualiseerd en is te raadplegen op onder andere de IRS-site: www.irs.nl/toelatingssituatie. Deze lijst wordt geactualiseerd door de BO Akkerbouw.  

Leren van de Gewichts- en kwaliteitsopgave

De gegevens die iedere teler na levering van de bieten toegestuurd krijgt kan eveneens nuttige informatie bevatten over de teelt van het afgelopen seizoen. Grote verschillen in kwaliteitscijfers tussen de geleverde vrachten kunnen duiden op een heterogeen perceel of haarden van ziekten en plagen. In dit bericht zijn links naar meer informatie te vinden over de belangrijkste oorzaken van een slechte bietenkwaliteit en eventuele verbetermaatregelen.