Bietenpulp 2000 Een ad libitum te verstrekken voer op basis van perspulp aan dragende zeugen Pagina printen

zondag 1 juli 2001

In de huidige varkenshouderij worden dragende zeugen zonder biggen beperkt gevoerd. Uit onderzoek is gebleken dat dieren die fysiek en nutritioneel onvoldoende verzadigd worden orale stereotypieën gaan vertonen. Onbeperkt voeren is ook geen oplossing, want dit leidt tot negatieve gevolgen voor reproductie en gezondheid. Het ad libitum kunnen voeren van dragende zeugen met een rantsoen op basis van bietenpulp kan een alternatief zijn. Uit onderzoek bleek dat een rantsoen dat was samengesteld met op drogestofbasis 55% perspulp en 45% zeugenbrok goed werd opgenomen en voldoet aan de behoeftenormen voor essentiële nutriënten die voor dragende zeugen gelden. Hierbij was de groei in de dracht gering. De spekdiktetoename was nihil. Er waren niet of nauwelijks afwijkende gedragingen waar te nemen.

Contact: Jim Haaksma
Uitgave: IRS Jaarverslag 2000

Publicatie:

« Terug naar publicaties