Rassenonderzoek 2000 Cultuur- en gebruikswaarde van suikerbietenrassen Pagina printen

zondag 1 juli 2001

IRS en PPO-agv voeren het cultuur- en gebruikswaardeonderzoek (CGO) van suikerbietenrassen in Nederland uit. Afhankelijk van het doeleinde van een ras worden proefvelden aangelegd. Er zijn verschillende segmenten waarin de rassen onderverdeeld kunnen worden: rassen zonder specifieke resistentie; bietencysteaatjesresistentie; rhizomanieresistentie; rhizoctoniaresistentie, cercosporaresistentie en rassen die grondtarra moeten beperken. Uit de rassenproeven in 2000 bleek dat er geen significante verschillen waren tussen ras en plantaantal. Bij rassen met meervoudige resistentie zijn er ook nog enkele die problemen hebben met een goed opkomst. Op een proefveld met kunstmatige infectie van cercospora blijkt dat de mate van aantasting, ook bij de resitente rassen, toch vrij hoog kan oplopen. De cercosporaresistente rassen gaven wel een hogere suikeropbrengst dan gevoelige rassen, vooral veroorzaakt door een hogere wortelopbrengst. Het percentage blinkers in rassen met rhizomanieresistentie was voor de 'nieuwere' rassen <1.

Contact: Jan Wevers
Uitgave: IRS Jaarverslag 2000

Publicatie:

« Terug naar publicaties

Bewaaradvies

Bepaal het bewaaradvies voor uw locatie

Code weersituatie voor 'Lelystad'

  • 20 nov 12:00 tot 21 nov 12:00 A
  • 21 nov 12:00 tot 22 nov 12:00 A
  • 22 nov 12:00 tot 23 nov 12:00 A
  • 23 nov 12:00 tot 24 nov 12:00 A
  • 24 nov 12:00 tot 25 nov 12:00 A

Advies

Code: A

Geen vorstbeschermende maatregelen

Bietenhopen moeten kunnen ventileren. Dus ook van afgedekte hopen het winddichte afdekmateriaal geheel of gedeeltelijk verwijderen na een vorstperiode.

Het Bewaaradvies suikerbieten is vanochtend om 9.00 uur vastgesteld met de op dat moment geldende weersverwachting.

Suikergehalte bieten per campagneweek (bron: Suiker Unie)