Bietencysteaaltjes: regelmatige bemonstering is basis beheersing Pagina printen

zaterdag 1 september 2001

Het aantal percelen met matige tot zware besmetting met bietencysteaaltjes is de laatste jaren toegenomen. Natte zomers maskeren de aanwezigheid van het aaltje. Resistente rassen dient men met beleid in te zetten. De te nemen maatregelen zijn afhankelijk van de besmettingsgraad van een perceel. Regelmatig grondmonsteronderzoek vormt de basis voor een optimale teelt en beheersing van het aaltjesprobleem.

Contact: Hans Schneider
Co-auteur: W. Heijbroek
Vakblad: Cosun Magazine, sept. 2001, nr. 7; CSM Informatie, sept. 2001, no. 530

Publicatie:

« Terug naar publicaties

Toelatingssituatie

De lijst van in suikerbieten toegelaten gewasbeschermingsmiddelen is geactualiseerd en is te raadplegen op onder andere de IRS-site: www.irs.nl/toelatingssituatie. Deze lijst wordt geactualiseerd door de BO Akkerbouw.  

Leren van de Gewichts- en kwaliteitsopgave

De gegevens die iedere teler na levering van de bieten toegestuurd krijgt kan eveneens nuttige informatie bevatten over de teelt van het afgelopen seizoen. Grote verschillen in kwaliteitscijfers tussen de geleverde vrachten kunnen duiden op een heterogeen perceel of haarden van ziekten en plagen. In dit bericht zijn links naar meer informatie te vinden over de belangrijkste oorzaken van een slechte bietenkwaliteit en eventuele verbetermaatregelen.