Rassenkeuze suikerbieten 2017 Pagina printen

maandag 12 december 2016

Voor teeltseizoen 2017 kunt u kiezen uit een van de 21 rassen die vermeld staan in de drie tabellen van de Zaadbrochure van Suiker Unie. Daarnaast is er beperkt zaad verkrijgbaar van enkele rassen die pas twee jaar zijn onderzocht. De officiële beproeving van deze rassen is nog niet afgesloten, maar u kunt op kleine schaal praktijkervaring mee op doen. Informatie over deze rassen vindt u in het Rassenbulletin.

Drie resistentiecategorieën
De eerste keuze die u moet maken is die voor de benodigde resistentie. Dat u hierin de juiste beslissing neemt is essentieel voor een geslaagde bietenteelt. De benodigde resistentie hangt af van de mogelijke ziekten en plagen op het bietenperceel. In het kort, bij:

  • risico op rhizoctonia of bij voorvrucht mais, bolgewassen of groenten: kies rhizoctoniaresistentie (tabel 3 van de zaadbrochure);
  • de geringste aanwezigheid van bietencysteaaltjes of het vermoeden daarvan: kies bietencysteaaltjesresistentie (tabel 2);
  • een combinatie van rhizoctonia en bietencysteaaltjes: kies rhizoctoniaresistentie met tevens bietencysteaaltjesresistentie (tabel 3);
  • geen rhizoctonia of bietencysteaaltjes: kies een van rassen zonder deze resistentie uit de rhizomanietabel (tabel 1);
  • rhizomaniesymptomen in de vorige bietenteelt (veel blinkers, laag suikergehalte): kies aanvullende rhizomanieresistentie, deze rassen zijn in alle categoriën (tabel 1 t/m 3) te vinden.

Om u te helpen bij de beslissing welke resistentie u moet kiezen is er een beslisboom gemaakt. Als u op het onderstaand diagram klikt, krijgt u een vergrote versie te zien en krijgt u er verdere uitleg over.

Van overige eigenschappen financiële opbrengst belangrijkst
Na resistentie is de financiële opbrengst het belangrijkste kenmerk. In het cijfer voor financiële opbrengst zijn wortelopbrengst, suikergehalte, WIN en tarra verwerkt, en het geeft voor de meeste situaties een goede indicatie van het rendement van een ras. Onder specifieke omstandigheden kan dit iets afwijken. Met de IRS-applicatie ‘rassenkeuze en optimaal areaal’ kunt u de financiële opbrengst van alle rassen voor uw eigen situatie berekenen. Ook geeft deze applicatie informatie over beschikbaarheid van de rassen (ook van rassen die nog in onderzoek zijn) en over de kweker. Zie ook de teelthandleiding 1.5.

Bladschimmels
Het verschil in gevoeligheid van rassen voor het optreden van stemphylium of andere bladschimmels (cercospora, roest, ramularia en meeldauw) op uw perceel is op dit moment nog moeilijk te voorspellen. Daarom is een rasadvies daarvoor niet zinvol. Zie ook de teelthandleiding 1.4.4.

Aphanomyces
Dit jaar zijn als gevolg van de langdurige neerslag in juni veel telers op zand- en dalgrond overvallen door het optreden van aphanomyces in de bieten. In alle rassen kwam aantasting voor, maar in sommige rassen was deze sterker dan in andere. Of er in de komende jaren nog vaker zo’n ernstige aantasting door aphanomyces zal voorkomen is moeilijk te voorspellen. Om het risico te beperken is het advies om op zand- en dalgrond bij een lage pH (<6,0) de rassen BTS 110, Bosch en Vulcania KWS niet te gebruiken. Voor kleigrond geldt deze waarschuwing niet. Welke van de bca- en rhizoctoniaresistente rassen het meest gevoelig zijn, is op basis van 2016 niet met zekerheid te zeggen.

Schietergevoeligheid
De huidige aanbevolen rassen hebben in het algemeen een goede schieterresistentie. Onder ongunstige omstandigheden kunnen echter alle rassen schieten. In de praktijk en op proefvelden bleken sommige rassen schietergevoeliger te zijn. Het gaat om BTS 110 en Annelaura KWS, Hendrika KWS en om alle rhizoctoniaresistente rassen. Daarom is het advies deze rassen niet te vroeg en niet te diep zaaien en zaaien uit te stellen als u stress verwacht bij en na de opkomst (zie teelthandleiding 1.3).

Insecticide in de pil
Schade door insecten is te beperken door gebruik te maken van pillenzaad met insecticide (speciaal pillenzaad). Voor de bestrijding van sommige insecten is het soms goedkoper een bespuiting uit te voeren. Het kan dus lonen om kritisch te overwegen of het gebruik van speciaal pillenzaad wel nodig is. Zie hiervoor de teelthandleiding 10.3.2.

Benodigde hoeveelheid zaad
Bestel niet meer zaad dan nodig is. De benodigde hoeveelheid zaad hangt af van de zaaiafstand. In een tabel in de teelthandleiding (1.2.3) kunt u die opzoeken of bereken dit in de IRS-applicatie.

 

Contact: Noud van Swaaij

« Terug naar nieuws

Praktijkdag suikerbieten

Op 31 augustus vindt op Wageningen University and Research-locatie Westmaas een praktijkdag suikerbieten plaats met een interessant programma en bedrijvenmarkt. Meer informatie over de praktijkdag:
 

Bladschimmelwaarschuwing

Voor de rode gebieden is al een waarschuwing uitgegaan in 2017.
Klik op de regio voor meer uitleg. Klik hier om de kaart te openen.
Meer informatie over bladschimmels vindt u ook op de bladschimmelpagina

GewasBeschermingsBulletin suikerbieten

Op 7 maart 2017 is de voorlichtingsboodschap gewasbescherming suikerbieten 2017 verschenen als bijlage bij Cosun Magazine. Hij is ook dynamisch op de site en in de IRS-app. Als pdf is hij ook beschikbaar.

Toelatingssituatie

Een actuele lijst van in suikerbieten toegelaten gewasbeschermingsmiddelen is te raadplegen op onder andere de IRS-site: www.irs.nl/toelatingssituatie. Deze lijst wordt geactualiseerd door de BO Akkerbouw.