Geintegreerde onkruidbestrijding Pagina printen

Geïntegreerde onkruidbeheersing koppelt de voordelen van chemische en mechanische onkruidbestrijding. Hierbij wordt de eerste kiem-golf van het onkruid chemisch bestreden en de resterende onkruiden mechanisch. De chemische bestrijding kan dan beperkt blijven tot 2 volveldstoepassingen na-opkomst, aangevuld met 1 tot 2 rijenbespuitingen.

Mechanische onkruidbestrijding kan vanaf het tweebladstadium door volvelds te eggen. Het onkruid moet net niet boven komen (‘wittedradenstadium’), in ieder geval niet groter dan het kiembladstadium. Een andere methode is schoffelen tussen de rijen van de bieten. Het schoffelen kan in één werkgang worden gecombineerd met een rijenbespuiting.

Bespuit bij rijenbespuiting een strook van 17 tot 20 cm breed. Bij een strookbreedte van 17 cm moet de dosering 40% en bij een strookbreedte van 20 cm 50% van de volveldsdosering zijn.

 

Vanaf het vier- tot zesbladstadium kan er geschoffeld worden in combinatie met vingerwieders in de rijen. Hiermee kan een rijenbespuiting worden uitgespaard. Het schoffelen kan doorgaan totdat het gewas gesloten is.

De effectiviteit van mechanische onkruidbestrijding wordt bepaald door het aantal bewerkingen en de omstandigheden van de grond, het onkruid en de bieten. Een meerwassig gewas en een stuifdek gerst beperken in een vroeg stadium de mogelijkheden van mechanische onkruidbestrijding doordat er bietenplantjes onder de grond komen en/of het stuif-dek gerst wordt vernietigd.

Verder werkt één enkele mechanische bewerking doorgaans onvoldoende of negatief. Dit kan juist leiden tot veel nakiemers doordat er onkruidzaad in betere kiemomstandigheden is gebracht. Dit voorkomt u door de mechanische onkruidbestrijding meerdere keren te herhalen totdat het bietengewas gesloten is. Van belang is dat dit gebeurt als het onkruid klein is en onder voldoende droge omstandigheden om hergroei te voorkomen.

Vlak voor sluiting van het gewas kunt u door een schoffel- of aanaardbewerking onkruiden bestrijden die ontsnapt zijn bij de chemische bestrijding. Aard de bieten niet zwaar aan. Dit bemoeilijkt een goede ontbladering bij de oogst.

Op rhizoctonia gevoelige gronden kan zwaar aanaarden bovendien de besmetting met rhizoctonia bevorderen.

Figuur 15 De effectiviteit van mechanische onkruidbestrijding wordt bepaald door het aantal bewerkingen, de omstandigheden van de grond en het stadium van het onkruid en de bieten.

Bewaaradvies

Bepaal het bewaaradvies voor uw locatie

Code weersituatie voor 'Lelystad'

  • 12 nov 12:00 tot 13 nov 12:00 A
  • 13 nov 12:00 tot 14 nov 12:00 A
  • 14 nov 12:00 tot 15 nov 12:00 A
  • 15 nov 12:00 tot 16 nov 12:00 A
  • 16 nov 12:00 tot 17 nov 12:00 A

Advies

Code: A

Geen vorstbeschermende maatregelen

Bietenhopen moeten kunnen ventileren. Dus ook van afgedekte hopen het winddichte afdekmateriaal geheel of gedeeltelijk verwijderen na een vorstperiode.

Het Bewaaradvies suikerbieten is vanochtend om 9.00 uur vastgesteld met de op dat moment geldende weersverwachting.

Toelatingssituatie

De lijst van in suikerbieten toegelaten gewasbeschermingsmiddelen is geactualiseerd en is te raadplegen op onder andere de IRS-site: www.irs.nl/toelatingssituatie. Deze lijst wordt geactualiseerd door de BO Akkerbouw.  

GewasBeschermingsBulletin suikerbieten

De voorlichtingsboodschap gewasbescherming suikerbieten 2019 is als bijlage bij Cosun Magazine verschenen. Hij is ook dynamisch op de site en in de IRS-app. Als pdf is hij ook beschikbaar. 

Suikergehalte bieten per campagneweek (bron: Suiker Unie)